Wat kan je doen?
 

Praten over kindermishandeling is voor veel mensen niet evident.
Vaak hebben mensen angst om anderen ten onrechte te “beschuldigen”. Toch is het van het grootste belang dat een vermoeden van kindermishandeling niet verloren gaat. 
Je aanvoelen of inzicht bespreken met anderen is vaak een eerste stap om verandering voor een kind en zijn gezin mogelijk te maken.

Als je dus het vermoeden hebt dat een kind mishandeld, verwaarloosd of seksueel misbruikt wordt, kan je gratis het meldpunt 1712 bellen voor een advies of een concrete hulpvraag.

Observeer

Het is niet altijd gemakkelijk om te detecteren of kinderen in de problemen zitten.  Kinderen en jongeren die slachtoffer zijn van verwaarlozing of mishandeling worden soms onder druk gezet om te zwijgen. Er wordt bijvoorbeeld gedreigd dat een knuffel of een huisdier wordt afgenomen of dat het kind iets zal meemaken als het durft spreken.

Kinderen leren om te zwijgen of te verbergen. Daarom is het belangrijk om naar kinderen te kijken, te observeren. Zie je bijvoorbeeld veranderingen in gedrag of houding, merk je dat kinderen meer teruggetrokken of juist agressiever zijn dan wat je gewoon bent? Het kunnen mogelijke signalen zijn van verwaarlozing of mishandeling.

Doe iets met je vermoeden

Als je ongerust bent over een kind, blijf dan niet zitten met je vermoeden. Vertel je partner, buur, collega of dienstverantwoordelijke dat je dingen hebt opgemerkt bij een kind en vraag of zij dat ook hebben gezien. Jij hebt iets opgemerkt bij een kind. Je bent bezorgd en dat is voldoende om actie te ondernemen.

Een vermoeden is de eerste stap. Het kan zijn dat je mogelijk verkeerde conclusies hebt getrokken rond een signaal, maar dat zal dan na verloop van tijd duidelijk worden. Als je vermoeden correct blijkt, heb je het slachtoffer enorm geholpen.

Praat met kinderen/jongeren

Laat horen dat je bezorgd bent over hem of haar. Kinderen wachten soms tot iemand hen aanspreekt. Het kan zijn dat zij niet dadelijk in staat zijn om signalen te geven omwille van de bedreigingen die ze kregen of omdat ze volwassenen niet meer durven vertrouwen.

Je bezorgdheid uiten is een eerste stap. Een kind leert daaruit dat er iemand iets heeft opgemerkt en bezorgd is. Dat kan de aanzet zijn voor een kind/jongere om te laten horen dat er problemen zijn.

Respecteer het tempo van kinderen

Laat horen dat je bezorgd bent, maar zet een kind niet onder druk om te praten. Dwing geen verklaringen af. Een kind dat al een lange tijd slachtoffer is van mishandeling, heeft bepaalde manieren ontwikkeld om het voor zichzelf vol te houden. Als je te snel wil gaan, haal je de verdediging van een kind onderuit en kan je hem/haar in een crisis brengen.

Het is dus van belang om het tempo van een kind te respecteren en het de ruimte te geven om voor zichzelf te beslissen om te praten over zijn/haar problemen.

Doe geen beloftes die je niet kan nakomen

Als je met een kind/jongere praat over je ongerustheid, hou dan rekening met je eigen mogelijkheden. Jij kan een kind laten horen dat je iets wil doen voor haar/hem, maar blijf realistisch in wat je aanbiedt. Zeg bijvoorbeeld niet dat jij er voor zal zorgen dat het nooit meer zal worden geslagen of misbruikt.

Beloof geen geheimhouding

Wanneer een kind jou in vertrouwen neemt over wat er misloopt, heb je soms de neiging om dit vertrouwen te belonen door geheimhouding te beloven aan het kind. Probeer dat niet te doen.

Het is van belang dat je overlegt met anderen (een collega, je diensthoofd, een hulpverlener, ...) om samen in te schatten wat er nodig is. Je moet daardoor de geheimhouding doorbreken met als gevolg dat een kind leert dat niemand te vertrouwen is.

Maak het kind duidelijk dat je bepaalde stappen gaat ondernemen (met iemand overleggen bijvoorbeeld). Hierdoor komt het kind niet voor verrassingen te staan en kan het gehoord worden in wat voor hem/haar belangrijk is.

Signalen

De signalenlijst is niet meer dan een hulpmiddel om een vermoeden van kindermishandeling te onderbouwen. Er zijn immers heel wat signalen die kunnen wijzen op kindermishandeling. Daarnaast betekent de aanwezigheid van die signalen niet dat het sowieso om kindermishandeling gaat. Veel van die signalen kunnen ook een andere oorzaak hebben.

Er zijn ook kinderen waaraan niets te merken valt en die geen signalen naar buiten brengen of laten zien. Toch kunnen zij het slachtoffer zijn van mishandeling.

Signalen van kindermishandeling herkennen is dus een complexe zaak. Het heeft te maken met de kennis over de problematiek van mishandeling. Het heeft ook te maken met hoe men het zelf durft aan te voelen en hoe men durft stil te staan bij de beleving van een kind.

Er zijn verschillende soorten signalen: lichamelijke signalen, signalen die verwijzen naar gevoelens, emoties en beleving, signalen in het gedrag van een kind en signalen in de interactie met andere kinderen. Een combinatie van signalen kan natuurlijk ook.

Tenslotte sommen we enkele factoren op die in een gezinssituatie het risico op mogelijke mishandeling verhogen.

LICHAMELIJKE MISHANDELING

Blauwe plekken 
 Schaafwonden en kneuzingen 
 Brandwonden
 Botbreuken
 Snij-, steek- en bijtwonden
 Verwondingen aan het hoofd
 Inwendige verwondingen
 Uitspraken van het kind over geslagen worden
 Bang om geslagen te worden
 Onmogelijke verklaringen over verwondingen of pijn
 Bang om naar huis te gaan 
 Bang voor ouders of andere volwassenen

EMOTIONELE MISHANDELING

Laag zelfbeeld 
 Schijnvolwassenheid
 Slaapstoornissen
 Depressie
 Angst 
 Faalangst
 Zelfmoordneigingen

LICHAMELIJKE VERWAARLOZING

Gebrek aan hygiëne: sterke lichaamsgeur, smerige kledij of kledij die niet geschikt is voor de weersomstandigheden of leeftijd/gestalte, onverzorgde tanden, ...
Onvoldoende of onaangepaste voeding 
Kind heeft honger, bedelt of steelt eten
Vertraagde motoriek
Groeiachterstand

EMOTIONELE VERWAARLOZING

Bang om hechte relaties aan te knopen 
Overdreven drang naar affectie
Allemansvriendje

SEKSUEEL MISBRUIK

Verwondingen aan de geslachtsorganen
Verwondingen aan de anus
Zwangerschap 
Pijn in de bovenbenen
Seksueel overdraagbare aandoeningen 
Extreem seksueel gekleurd gedrag of taalgebruik
Ongewone kennis van seksualiteit gezien jeugdige leeftijd
Zoekt seksuele toenadering tot volwassenen
Negatief lichaamsbeeld
Zelfverminking

GEDRAG VAN HET KIND

Negatief zelfbeeld
Depressief, droevig, teruggetrokken
Agressief, destructief
Niet spontaan
Toont geen gevoelens of pijn
Lusteloos, wil niet spelen
Labiel
Hyperactief
Zelfdestructief
Drug- of alcoholgebruik
Plotselinge gedragsveranderingen

GEDRAG VAN HET KIND T.O.V. ANDERE KINDEREN

Agressief
Achterdochtig
Niet geliefd bij andere kinderen

GEDRAG VAN HET KIND T.O.V. DE OUDERS

Bang, waakzaam
Gedraagt zich anders in het bijzijn van de ouders
Volgzaam, meegaand

GEDRAG VAN DE OUDER(S)

Onverschillig over het welzijn van het kind
Geen aandacht voor de noden van het kind
Negatieve uitlatingen over het kind
Troost het kind niet
Is ernstig psychisch ziek
Daagt niet op om over het kind te praten
Verwaarlozing of laattijdig inschakelen van medische hulp
Houdt het kind vaak thuis van school
Heeft verwachtingen die niet passen bij de leeftijd van het kind
Zet het kind erg onder druk om te presteren
Reageert agressief

RISICOFACTOREN IN DE GEZINSSITUATIE

Sociaal isolement
Partnermishandeling
Regelmatig verhuizen
Slechte algemene hygiëne
Stress
Verslaving(en)
Psychiatrische problemen
Voorgeschiedenis van mishandeling, verwaarlozing of seksueel misbruik
Ongewenste zwangerschap
Sterke verschillen in opvoedingsstijl of -cultuur